VETERANEN MET EEN MISSIE

|
|
nummer 8 / oktober 2010 |
Libanonveteraan brengt hulpgoederen naar Roemenië
'Ze hebben nog steeds hulp nodig!'
Samen met zijn schoolvriend Jan Wijma rijdt Jan Kerkstra twee keer per jaar met een truck met oplegger naar Roemenië om de hulpgoederen die zijn ingezameld door de Stichting Noord Nederland te bezorgen bij kindertehuizen, medische instellingen, bejaardenhuizen en particulieren.
Door: Klazien van Brandwijk
Foto: privécollectie Jan Wijma
Hoewel er geen directe link is met zijn uitzendingen naar
Libanon denkt Jan Kerkstra (53) dat
zijn ervaringen tijdens zijn eerste missie in Haris (mei-november 1980) en de tweede missie in Kafra (november 1980- april 1981) wel hebben gemaakt dat hij oog heeft voor wat er in de maatschappij speelt. Hij ging als dienstplichtig sergeant vrijwillig naar Libanon. Nauwelijks thuis van zijn eerste missie werd
de Groninger gebeld door zijn commandant. "Ik heb met spoed een ervaren sergeant voor Libanon nodig. Wil jij nog een keer?"
Kerkstra hoefde niet na te denken en vertrok weer naar Beiroet. "In die laatste periode bij de Tepelberg hebben we 45 Palestijnen tegengehouden die via de VN-zone naar Israël wilden. We mochten ze niet ontwapenen en wachtend op een VN-vertegenwoordiger dronken we samen thee. Ik heb tijdens mijn uitzendingen geleerd dat je eerst vertrouwen in jezelf moet hebben, voordat je een ander vertrouwt, maar ook voordat die ander jou kan vertrouwen. Als je jong bent, heb je hoge verwachtingen van jezelf. In Libanon heb ik mijn eigen grenzen, beperkingen en mogelijkheden ontdekt. Mijn leus is nog steeds: doe wat je weet en weet wat je doet."
- Libanonveteraan Jan Kerkstra(l) en zijn schoolvriend Jan Wijma(r) op bezoek in een klooster. De restaurateur vraagt om fijne penselen voor zijn werk.
Bevlogen verhalen
Dat de Libanonveteraan zich ging inzetten voor de Stichting Noord Nederland is toeval. "Tien jaar geleden had ik ons huis afgebouwd en tijd voor andere zaken. Naar aanleiding van de bevlogen verhalen van Jan Wijma over zijn ritten naar Roemenië heb ook ik me aangeboden." De eerste keren reed Kerkstra met een andere vrijwilliger, maar nu nemen de twee Jannen al jaren gezamenlijk de reis naar onbekende dorpen en gehuchten in Roemenië.
De organisaties die goederen inzamelen, moeten € 40,- vervoerskosten per kubieke meter betalen. "Van dat geld wordt de truck met oplegger gehuurd en worden de diesel en de vignetten
in de verschillende landen betaald. Je bent er dus niet met het inzamelen van goederen. Er zijn ook sponsoren nodig voor het vervoer." Kerkstra pakt de laadlijsten erbij en somt op: "Kleding, schoenen, voedselpakketten, gebruiksartikelen, bouwmaterialen, rolstoelen, rollators, fietsen, ziekenhuis bedden, landbouwmachines, schilderijen, verwarmingsmaterialen, deegmachines. deegtafels. brandweerhelmen, partytenten voor een weeshuis en ga zo maar door. .. " Bij alles hoort een verhaal, geeft hij aan. "Zo moest ik deze zomer voor we vertrokken nog even langs de garage en werden we spontaan gesponsord met 150 liter diesel. Dat zijn belangrijke bijdragen. Vrijwilligers verzamelen de spullen, anderen zoeken sponsoren, wij 'offeren' een week vakantie op en zorgen dat de spullen op de juiste plek terechtkomen. Zo levert ieder van ons een bijdrage." De twee vrienden leggen in de zeven dagen dat ze onderweg zijn 4.800 kilometer af. "We rijden gemiddeld 60 kilometer per uur en hebben dus alle tijd om bij te praten. In Roemenië worden we verwelkomd als familie, maar omdat we zoveel adressen hebben en maar één week tijd, hebben we een strak schema. Het is triest dat men afhankelijk is van onze hulp, maar de situatie is, buiten de mooie binnensteden, schrijnend. Een onderwijzer verdient € 250,- per maand, terwijl de levenstandaard maar 10 procent lager ligt dan bij ons. Hulp aan mensen in Roemenië is een noodzaak en ik ben blij dat ik daar op deze manier een klein beetje aan kan bijdragen."

|
|
nummer 8 / oktober 2010 |
Terug naar boven
Terug naar het
overzicht