NAMENLIJST UNIFILLERS
CHECKPOINT
VREDESMACHT IN LIBANON
FOTOGALLERIJ
WOORDENLIJST
INCIDENTENLIJST
HISTORIE
KNIPSELKRANT
DOWNLOADS
GASTENBOEK
CREDITS
 
UNIFIL FILMS
UNIFIL LINKS
UNIFIL FORUM
 
Veteraneninstituut Veteraneninstituut
 
SiteMap Mail Ons Ga naar de StartPagina

nummer 3 / april 2010

Ambassadeur aanwezig bij eerste officiële dodenherdenking in Libanon

 

'Veteranen hebben betrekkingen verdiept'

Op 4 mei wordt in aanwezigheid van een groep UNIFIL-veteranen dit jaar voor het eerst ook een officiële dodenherdenking gehouden in Libanon. Deze ceremonie is een direct gevolg van de herdenkingen die voor de negen Nederlandse militaire slachtoffers werden georganiseerd in het kader van de Weerzien met Libanon-reizen. Werden die nog bij het UNIFIL-monument op de kazerne in Naqoura gehouden, de 4 meiherdenking vindt plaats bij het monument voor gevallen Unifillers in de Libanese kustplaats Tyre.

.

 

Door: Hans Steeman en Fred Lardenoye Foto: Hans van den Boogaard

Het initiatief voor een officiële dodenherdenking op 4 mei in Libanon is genomen door de Nederlandse militair attaché voor Syrië en Libanon, kapitein-luitenant ter zee Paul Flos. Hij toonde zich op 20 oktober vorig jaar onder de indruk van de in het kader van een terugkeerreis van Libanonveteranen georganiseerde herdenking bij het UNIFIL­monument in Naqoura. Gelijk na afloop van die plechtigheid kondigde Flos aan dat hij de mogelijkheid zou onderzoeken of het ministerie van Defensie voortaan het voortouw kon nemen bij de organisatie van de ceremonie. Zijn voorkeur ging dan wel uit naar de vierde mei en een jaarlijks terug­kerende dodenherdenking.
In de net voor de herdenking van oktober vorig jaar aange­treden nieuwe Nederlandse ambassadeur drs. Hero de Boer vond hij een warm medestander. "De dodenherdenking op
4 mei neemt binnen de Nederlandse natie een heel belang­rijke plaats in. In de eerste plaats als herinnering aan de gesneuvelde militairen tijdens de Tweede Wereldoorlog en later is de herinnering aan gevallenen in vredesbewarende operaties, waaronder UNIFIL, eraan toegevoegd. Het ligt dan ook voor de hand dat de Nederlandse overheid dit initiatief een warm hart toedraagt", aldus De Boer.

Monument inTyre

Naast de ambassadeur en militair attaché Flos zal er ook een groep van twintig oud-Unifillers bij de herdenking aanwezig zijn. Zij maken deel uit van een terugkeerreis naar Libanon en verblijven in het Rest House Hotel dat pal tegenover het monument voor gevallen UNIFIL-militairen in Tyre gevestigd is. Daar zal het gezelschap zich op 4 mei om negen uur in de ochtend verzamelen. De ceremonie vindt plaats van half tien tot half elf en wordt ook bijgewoond door vertegenwoordi­gers van het gemeentebestuur van Tyre en het Libanese leger. Ambassadeur De Boer, die eerder in Rusland de diplomatieke dienst leidde, wijst op het belang van dergelijke herdenkin­gen. "In Moskou wordt ook jaarlijks een herdenking georga­niseerd voor gesneuvelde militairen. Het is vanzelfsprekend dat op 4 mei herdenkingen plaatsvinden, met name in landen waar ook Nederlandse militairen actief hebben bijgedragen aan vredesoperaties. Daar hoort Libanon zeker bij. Ik vind dat ook landen als Afghanistan en Irak daaraan toegevoegd zouden moeten worden. Tegelijkertijd vind ik dat de centrale herdenking natuurlijk in Amsterdam op de Dam moet blijven plaatsvinden in aanwezigheid van de koninklijke familie."
In de korte tijd dat hij ambassadeur is in Libanon heeft De Boer ervaren dat Nederlanders hoog aangeschreven staan bij de bevolking. "Ik heb gemerkt dat zij hier in Libanon bekend­staan om hun openheid, onpartijdigheid en hun betrok­kenheid. De inzet van de Nederlandse veteranen past in de eeuwenoude betrekkingen die Libanon en Nederland onder­houden. Zij hebben die betrekkingen ook mede dankzij de

terugkeerreizen verdiept en meer tastbaar gemaakt."

Info over de terugkeerreizen is te vinden op http://www.weerzienmetlibanon.veteranen.info

nummer 3 / april 2010

 

  Terug naar boven

Terug naar het overzicht

 

 

SiteMap Mail Ons Ga naar de StartPagina Veteraneninstituut

Veteraneninstituut