Documentaire brengt Unifillers terug naar onheilsplek van dodelijke mijnaanslag

|
|
nummer 5 / juni 2009 |
Groetjes uit Libanon
Op 9 november is het precies dertig jaar geleden dat nietsvermoedende Nederlandse militairen
van UNIFIL op een antitankmijn reden, nabij de Libanese kustplaats Tyre. Bij dit incident kwam
sergeant Philip de Koning om het leven en raakte chauffeur Antoine Damen lichtgewond. Drie
Dutchbatters die kort daarvoor achterop de 3-tonner waren gesprongen, kwamen met de schrik
vrij. In de documentaire Groetjes uit Libanon gaan twee van hen samen met Damen terug naar
de onheilsplek. De oud-dienstplichtig chauffeur: "Ik heb het gevoel dat ik het nu helemaal heb
kunnen afsluiten."
Tekst en foto: Fred Lardenoye
Als chauffeur ga je na zo'n ongeluk overal op letten. Colablikjes, losliggende stenen, je rijdt
er telkens met een bocht omheen." Oud-Unifiller en dienstplichtig chauffeur Sjors Cammeraat (48) vertelt wat voor
een impact het dodelijke mijnincident in november 1979 op
hem heeft gehad in de documentaire Groetjes uit Libanon. Vredesmissie in oorlogsgebied. De mijn die het voor dienstplichtig
sergeant Philip de Koning fatale incident veroorzaakte was
verpakt in een cementzak, evenals een tweede mijn waar de
3-tonner rakelings langs was gereden.
Nog tot twintig jaar na dato reed Cammeraat als buschauffeur
met een grote bocht om de lege pakken melk die hij op de
weg zag. "Bang voor de knal die het anders zou geven. Toen
ben ik toch maar eens naar de Stichting Dienstverlening Veteranen (voorloper van het Veteraneninstituut; red.) gegaan.
Die verwees mij door naar het Centraal Militair Hospitaal, dat
mij er vanaf heeft geholpen." 
Schuldgevoel
Sjors Cammeraat is een van de vier Libanonveteranen die
aan het woord komt in de door Gouden Kalf-winnaar Hans
Heijnen geregisseerde documentaire Groetjes uit Libanon.
De documentaire wordt op Veteranendag zaterdag 27 juni, na
de live-uitzending van het defile, door de NOS op Nederland
1 uitgezonden. Samen met zijn oud-collegamilitair Wim van
Beek (51), die net als hij kort voor het ongeluk achterop de
3-tonner sprang, en chauffeur Antoine Damen (53) keerde
Cammeraat terug naar Libanon. Op de plek waar de aanslag
op 9 november 1979 plaatsvond, kijken zij terug op hun
militaire uitzending.
Voor oud-dienstplichtig chauffeur Damen is het de eerste
keer dat hij terugkeerde naar Libanon. Nadat hij lichtgewond
geraakt was bij het mijnincident werd hij vervoerd naar
Naqoura om uiteindelijk via Beiroet gerepatrieerd te worden. Zelf wilde hij graag terug naar zijn kameraden, maar hij
moest zijn diensttijd in Assen uitdienen. Damen verdween
na het afzwaaien in de anonimiteit en had lange tijd geen contact met zijn collega-veteranen. Ondertussen knaagde er
een schuldgevoel, zo geeft hij toe. "Als chauffeur voel je je
toch verantwoordelijk. En ik denk ook wel eens: Wat als we
die eerste mijn aan de chauffeurskant wel geraakt hadden?
Maar met 'als' kom je niet verder." Enkele jaren geleden zocht
Damen de moeder van de overleden Philip de Koning op. "Zij
gaf ook aan dat ik me niets hoef te verwijten, dat heeft me
wel goed gedaan." Toch was er voor Damen nog een drang
om eens terug te gaan naar de plek des onheils, zoals ook in
de documentaire blijkt. Damen: "Ik heb nu het gevoel dat ik
het helemaal heb kunnen afsluiten."
Van Beek, nu werkzaam als zelfstandig ondernemer, keerde
op aanraden van Cammeraat al eerder terug (zie Checkpoint
7-2005), en leerde daardoor dat de aanwezigheid van UNIFIL
in Libanon destijds zeker nut heeft gehad. "Ik ontdekte dat wij
destijds de voorwaarden hebben geschapen voor veel Libanezen om hun leven weer op te pakken. Bij de terugkeerreis in
2005 werden we als oud-Dutchbatters door de lokale bevolking
overal met open armen ontvangen. Dat doet je goed."
Vakantiesoldaten
De vierde veteraan die in Groetjes uit Libanon aan het woord
komt, is oud-maatschappelijk werker en majoor b.d. Baron
van Till (68). Hij wijst onder meer op het ontoereikende mandaat van UNIFIL en het gebrekkige materieel waar Dutchbatt
mee moest werken in Libanon. "Ik schreef mijn vrouw dat de
kans dat ik daardoor in een ravijn stortte aanzienlijk groter
was dan dat ik door een kogel zou worden geraakt," vertelt
Van Till niet zonder gevoel voor ironie. Maar dat het in Libanon wel degelijk ook vuurgevaarlijk was, bevestigt Cammeraat nog eens als hij terug in Libanon over zijn angst vertelt
bij een dreigende situatie en de beschietingen. "Als ik nu kijk
naar de afstand tussen onze observatiepost en de positie waar
de mannen van majoor Haddad lagen, dan is het een wonder
dat ze ons destijds niet geraakt hebben."
In de documentaire wordt ook duidelijk dat de mijnen die
het ongeluk veroorzaakten hoogstwaarschijnlijk door de
pro-Israel militie van Haddad zijn neergelegd. Volgens een
Libanese oud-politieman die destijds al nabij de plek van
het ongeluk woonde, is daarover geen enkele twijfel mogelijk. "Ze wilden jullie weg hebben. Het was niet aan jullie
persoonlijk gericht, maar aan het adres van UNIFIL." De
voormalige diender, die zelf een zoontje en zijn vader in een
van de vele (grens)conflicten verloor, vvijst in de documentaire feilloos de plek aan van het mijnincident en weet zich
de details nog goed te herinneren. Zelf is hij tegenover de
teruggekeerde Libanonveteranen louter positief over hun
aanwezigheid destijds. "We zijn nu veilig, UNIFIL was goed
voor ons!"
De dankbaarheid van de lokale bevolking staat in schril contrast met het vertekende beeld van het vverk van de Dutchbatters dat destijds in Nederland domineerde. Volgens Baron van
Till was dat mede het gevolg van een zijns inziens volkomen
misplaatst spreekverbod dat door de militaire leiding was
uitgevaardigd. Ook Cammeraat vindt dat mede daardoor
het beeld is ontstaan van een soort 'vakantiesoldaten' met
veel zon, zee en strand. "Die ene keer dat wij op het strand
geweest zijn, werden we gelijk beschoten.'' Volgens de oud dienstplichtige had het thuisfront geen idee wat er zich werkelijk afspeelde in Libanon. "Mijn familie werd er niet eens
van op de hoogte gesteld dat ik bij het dodelijke mijnincident
betrokken was."
PTSS
Van de vier veteranen in de documentaire is Cammeraat de
enige die blijvend last ondervond van wat hij meegemaakt
had. "Na een jaar of twintig bleek ik een Post Traumatische
Stress Stoornis te hebben. Achteraf moet ik constateren dat
die diagnose met al haar symptomen ook aardig klopte."Cammeraat vverd door het Centraal Militair Hospitaal met
succes behandeld en is nu als buschauffeur actief in het rustige
Drenthe, waar hij een boerderij bevvoont. Oud-maatschappelijk
werker Baron van Till houdt in de documentaire vanwege
het gebrek aan directe nazorg destijds een pleidooi voor een
model waarbij een zelfhulpgroep van veteranen zonodig als
brug kan fungeren naar professionele hulpverleners.
Damen moest het na zijn gedvvongen terugkeer naar Nederland allemaal zelf uitzoeken en is daar aardig in geslaagd.
Anno 2009 vvoont hij met zijn gezin op een boerderij in Brabant, waar hij onder meer een biologische kippenfarm runt.
Net als zijn voormalige dienstplichtige collega's Van Beek en
Cammeraat kijkt hij positief terug op zijn bijdrage aan de eerste 'moderne' vredesmissie van de Nederlandse krijgsmacht.
"Nu ik gezien heb hoe het er nu uitziet, denk ik dat onze
aanwezigheid daar zeker nut heeft gehad."
Dat daarvoor in totaal in negen gevallen het hoogste offer is
gebracht, vvordt aan het eind van de documentaire treffend in
beeld gebracht bij de herdenking op 4 mei op de erebegraafplaats in Loenen. Cammeraat is er samen met zijn maten van
de Blue Helmets Motor Croup. Met Damen en Van Beek staat
hij aan het graf van Philip de Koning, om gezamenlijk eer te betonen aan hun gevallen kameraad
De documentaire Groetjes uit Libanon. Vredesmissie in oorlogsgebied,
met veel authentiek en nooit eerder vertoond archiefmateriaal, wordt
op de Nederlandse Veteranendag op 27 juni aanstaande uitgezonden
na de live-uitzending van het defile om ongeveer 14.00 uur op Nederland 1.

|
|
nummer 5 / juni 2009 |
Terug naar boven
Terug naar het
overzicht