
|
|
nummer 7 / september 2008 |
Veteraan John Kersten bouwt zijn post in Libanon na
'Als ik mijn ogen sluit, zie ik alles zo voor me'
Toen Libanonveteraan John Kersten door een hernia thuis kwam te zitten, ontstond het idee
om zijn post 7-6
bij het dorpje Shihin in Libanon na te bouwen op schaal 1:6. Hij begon met
het namaken van de MAG-put, maar
inmiddels staat bijna de volledige post met bemanning bij
hem en zijn vrouw Marian thuis. Het enige dat nog
ontbreekt, is het YP-408 pantservoertuig. "Ik wilde weer met mijn handen bezig zijn toen ik thuis kwam te zitten.
Met behulp van mijn
herinneringen en foto's heb ik alles nagebouwd."
Door: Linde van Deth
Kersten (50) werd in maart 1978 opgeroepen voor de dienstplicht. Hij kwam terecht op de kazerne
in Schaarsbergen als boordschutter bij
12 Pantserinfanteriebataljon Garderegiment Jagers. Op een dag zag hij een
groot pamflet hangen bij de Bravo-compagnie met de vraag naar vrijwilligers
voor Libanon. "Ik had geen flauw idee
waar Libanon lag of wat daar aan de
hand was, maar ik heb me gelijk aange
meld. Ik ben een doener en wilde aan
de slag." Kersten zat bij de Charlie
compagnie, maar is met de Bravo
compagnie van het 44e uitgezonden
naar Libanon, omdat die compagnie
niet compleet was. Na zijn aanmelding
kreeg hij flink op zijn kop van zijn commandant omdat men vond dat hij zijn
eigen compagnie in de steek liet door
zich aan te melden voor Libanon.
Nog geen drie en een halve week later
en zonder enige voorbereiding vertrok
Kersten op 10 maart 1979 naar Liba
non. Hij herinnert zich de vliegreis en
de aankomst nog goed. "Ik had op een
enkeling na als enige mijn hoofd niet
kaalgeschoren, maar dat werd snel
opgelost. Tijdens de vlucht werd ik van
achter beetgepakt en toen schoren ze
een hele baan uit mijn haar met de tondeuse. Daar heb ik nog even mee rondgelopen, voordat ik het kon bijwerken.
Toen heb ik ook alles er maar afgehaald.
Hoe ik me voelde bij mijn aankomst,
weet ik ook nog precies. Ik stond
bovenaan de trap van het vliegtuig, het
was helemaal donker. Overal om me heen zag ik grote gebouwen, alles was
onbekend. Toen vroeg ik me wel even
af af wat ik daar eigenlijk kwam doen.
Het liefst was ik omgedraaid, terug het
vliegtuig in."
Kersten had een moeizame start in
Libanon, omdat hij werd geplaatst op
een post met zeven anderen die hij
niet kende. "Die jongens van post 7-6
kenden elkaar wel, zij hadden al zeven
maanden met elkaar opgetrokken.
Zij wisten wat ze aan elkaar hadden.
Voor mij was het lastig, ik was en niet
voorbereid op mijn uitzending en ik
kende de jongens niet. Het is een keer
flink uit de hand gelopen toen een van
hen iets verkeerds zei over mijn thuis,
maar na een goed gesprek was dat allemaal opgelost en waren we aan elkaar
gewend."
Dreiging
Een incident heeft zijn tijd in Libanon
enorm beinvloed. Ook nu spookt het
nog vaak door zijn hoofd. Hij zat op
een dag alleen op wacht toen er ineens,
vanuit het niets, een jeep naast hem opdook met vier soldaten van majoor
Haddad. Een van de vier begon in zijn
rechter jaszak te rommelen en op dat
moment voelde Kersten zich ontzettend
bedreigd. "Ik dacht dat hij een wapen
trok of dat hij een granaat tevoorschijn
haalde. Op dat moment leek het of de
tijd stilstond, ik hoorde niks meer, kon
me niet meer bewegen en keek alleen
maar strak naar die man. Ik richtte mijn
wapen, de .50, op hem met het idee dat
als hij zou schieten, ik onmiddellijk ook
de trekker kon overhalen." Het ging
langs Kersten heen dat de mannen met hem probeerden te praten en hij kon
zich pas weer bewegen toen zijn maten
poolshoogte kwamen nemen. Het bleek
dat de soldaten alleen wilden weten
wie van hen een oude, dode boom in
brand had gestoken. Bomen zijn heilig
in Libanon, maar dat wisten de Nederlandse jongens toen nog niet. Een van
hen had inderdaad de boom in brand
gestoken, maar dat hebben ze de man
nen in de jeep niet verteld.
Dat moment van dreiging maakte
indruk op Kersten, hij kon het moeilijk
loslaten. Vanaf die dag voelde hij zich
continu bedreigd. Hij was dag en nacht
wakker en waakzaam, hij sliep vrijwel
helemaal niet meer. "Ik hield alles 24 uur per dag in de gaten. Ik rookte in
die tijd een slof Marlboro sigaretten
per dag. Ik was eigenlijk altijd met drie
sigaretten bezig. Een die bijna opge
rookt was, een die ik alvast had aangestoken en een voor daarna."
Het ging mis toen hij ineens tijdens het
rusten zijn wapen leegschoot in de tent."Ik had mijn Uzi altijd bij me, ook tijdens het rusten. Ik moet ingedommeld
zijn, na dagen van helemaal niet meer
slapen. Toen heb ik in mijn slaap mijn
Uzi leeggeschoten. Gelukkig heb ik niks
geraakt, ik heb naar boven geschoten.
Ik zag op een gegeven moment ook dingen die er niet waren, je beeldt je van
alles in als je alleen op wacht zit. Toen heb ik van een hospik kalmeringsmid
delen gekregen en waarschijnlijk slaappillen. Ik heb een tijdje 's nachts geen
wacht meer gelopen."
'Alles van mijn uilzending naar Lihanon spookte steeds door mijn hoofd, het hield niet meer op'
PTSS
Na drie maanden kon Kersten bijtekenen, maar dat heeft hij niet gedaan.
Na drie en een halve maand keerde
hij terug naar Nederland. "Nog steeds
vraag ik me af of ik niet had moeten
blijven. Soms spookt het nog door mijn
hoofd dat ik die jongens in de steek
heb gelaten." Terug in Nederland pakte
Kersten zijn gewone leven weer op,
hij werkte in de bouw en trouwde met
Marian. Op dat moment leek hij weinig gevolgen te ondervinden van zijn uit
zending, hij praatte er eigenlijk nooit over en de foto's lagen in een doos in de kelder. Zijn vrouw wist alleen dat hij in Libanon had gezeten, meer niet.
Pas toen hij in 2002 thuis kwam te
zitten met een hernia, kwamen de herinneringen aan Libanon weer boven." Vanaf dat ik hele dagen thuiszat,
begon ik met malen. Alles van mijn
uitzending naar Libanon spookte steeds
door mijn hoofd, het hield niet meer
op. Het was voor het eerst dat al die
herinneringen weer bovenkwamen. Als
je net terugkomt, pak je je leven weer
op. Je gaat werken, je trouwt en je hebt weinig tijd om aan Libanon terug te
denken. Door die hernia kwam ik in
contact met verschillende artsen en een
van hen zei toen al dat er meer met mij
aan de hand was dan een hernia. Dat
die klachten een psychische oorzaak
hadden en dat ik mijn uitzending naar
Libanon misschien nog niet verwerkt
had. Daar wilde ik toen nog helemaal
niet aan, dat vond ik onzin."
Op een avond zaten Kersten en zijn
vrouw samen televisie te kijken, naar
een interview met twee Libanonveteranen die vertelden over hun post
traumatische stress stoornis (PTSS).
Marian Kersten: "Ik keek naar de televisie en dacht alleen maar: het is net
alsof ze over John praten. Ik herkende
alles wat ze beschreven: de agressie, het
nooit lang bij een baas kunnen werken, de ruzies en het korte lontje. Ik stootte
John aan en zei: 'Dit gaat over jou.'
Hij keek ook heel aandachtig naar die
documentaire, maar betrok het niet op
zichzelf. Hij had geen idee waar ik het
over had en herkende toen nog niks in
het verhaal van die jongens."
Mede dankzij zijn vrouw zocht Kersten
uiteindelijk toch hulp en werd ook de
diagnose PTSS gesteld. Kersten kwam
bij een psycholoog van de GGZ terecht.
Daar moest hij wel vertellen over zijn
gevoelens en zijn tijd in Libanon. "Voor mijn gevoel schoot ik in het begin weinig op met al dat gepraat, maar daar bij
de psycholoog kwam ik er niet onderuit. Daarom zocht ik thuis een uitweg,
ik wilde weer iets doen met mijn handen in plaats van dat gepraat de hele
tijd. Ik ben vroeger altijd bezig geweest
met modelbouw en zo kwam ik op het
idee om mijn post in Libanon na te
gaan bouwen. Ik kan me nog heel goed
herinneren hoe alles eruitziet en ik heb
een flink aantal foto's."
Dieren
Overal haalt Kersten onderdelen vandaan om te bouwen aan post 7-6. Hij
wil alles precies nabouwen, van de oude
boom tot de steen waar de militairen
van post 7-6 hun namen op schreven.
Hij maakt een groot gedeelte zelf en de
rest haalt hij van beurzen of vindt hij op
internet. Soms is hij dagen op internet
op zoek naar bepaalde onderdelen. De
spullen komen overal vandaan:
Engeland, China, Canada en Thailand. De
blauwe helmen waren het moeilijkst
om te vinden. Uiteindelijk heeft Kersten andere helmen gekocht en die zelf
beschilderd. De post is bijna compleet,
op het YP-408 pantservoertuig en de
dieren na."Ik zoek nog twee kleine hondjes en
een ezeltje. Maar die kan ik misschien
wel ergens rond kerst op de kop tikken. En ik zoek nog wat spullen om
een grote tafel van 5 bij 5 meter te
maken, waar het straks op moet komen
te staan. Mochten er nog mensen zijn
die wat hebben staan, dan hoor ik dat
graag!"
Tijdens zijn therapie begon Kersten ook
thuis te vertellen over Libanon. De ene
dag gaat het beter dan de andere, maar
inmiddels praat hij er vaak over met
zijn vrouw Marian en zijn drie beste
Libanonmaatjes, Richard, Ruud en Gijs,
die hem gesteund hebben in alles. "Als
tegenreactie op de therapie was ik soms
alleen maar bezig met het bouwen van
de post. Hele dagen zat ik op internet,
op zoek naar onderdelen. Ik was alleen
maar bezig met Libanon. Gelukkig kan
ik het inmiddels soms ook loslaten, ik
ben er nu op een gezondere manier mee
bezig. Dan ben ik een dagje druk met een
bepaald onderdeel van de post en dan
laat ik het weer een paar dagen rusten.
De post is ook bijna af nu, ik zou het
ontzettend mooi vinden als het uiteinde
lijk in een museum terecht zou komen,
zodat iedereen het kan bekijken."

|
|
nummer 7 / september 2008 |
Terug naar boven
Terug naar het
overzicht
|